Nieuws
Nog geen nieuws beschikbaar.
Wout en Cliquo, rondje Scotland

Bakbrommer reis door Noord-Europa (UK)

Edinburgh - Edinburgh - Inverness - Lochinver - Fort William

Cliquo en Wout rijden op de bakbrommer door Noord-Europa (UK). Ze houden ons steeds op de hoogte van hun belevenissen op hun reis.

Op www.bakbrommers.nl kon je wekelijks kijken voor het laatste nieuws!

Ben jij ook van plan om een mooie reis te maken op de driewieler? Laat het ons weten! cliquo@bakbrommers.nl

 

Fort William 04-07-2009 Terug naar boven

De afgelopen dagen zijn we langs de kustlijn richting het zuiden gereden en gisteren zijn we landinwaarts gegaan. Het is erg leuk om de kust te volgen, zeker als je de kleinste weggetjes neemt maar helaas zijn die niet altijd voor ons toegankelijk.

Twee dagen geleden wilden we een klein weggetje nemen maar al binnen een kilometer moest ik Wout helpen duwen omdat hij de steile helling niet kon nemen, het was al een tijdje aan het regenen wat de weg glad maakte dus het achterwiel was alleen maar aan het spinnen wat het duwen erg zwaar maakte.

Nog geen twee kilometer later hadden we weer hetzelfde probleem.

We besloten elke gelegenheid die we zouden zien te pakken om het tentenkamp op te slaan en de volgende dag terug te rijden naar de grotere weg.

De afgelopen dagen is de regen begonnen, gelukkig niet heel erg veel maar gisteren hebben we, de vijf uur die we reden, in de regen doorgebracht.


Van de twee nieuwe regenbroeken die ik voor de vakantie gekocht heb blijkt er geen een echt waterdicht te zijn, wat ben ik blij dat ik op het allerlaatste moment toch nog even m’n regen overal heb ingepakt.

Het is nu ook de tijd dat de midgets echt op komen dagen, eerst dachten wij, acht dat geklaag van iedereen, het valt best mee. Nu zitten we ‘s avonds af en toe in een wolk van die klere beestjes.

Wout boft, die heeft er niet zoveel last van, ze vinden mij veel lekkerder. We hebben wel wat spul tegen deze prik beesten maar dat helpt niet echt geweldig, en in elke winkel waar ik vraag wat het beste is wat ze hebben, komen ze met hetzelfde spul aan.

Vanaf Lochinver reden we echt over een mooi weggetje, toen kwam ik erachter dat het kwam omdat er wat bomen langs de kant stonden.

We hebben ook nog even het eiland Skye met een bezoek vereerd, iedereen die je tegen kwam zei dat je dat moest zien. Met een brug kwamen we het eiland op, het was een, voor ons doen, grote weg en vrij druk.

Gigantisch toeristisch, alleen maar bed en breakfast. We zijn niet ver het eiland op geweest, het leek ons niet veel anders dan we al gezien hadden en ons begeven tussen al die toeries trekt ons totaal niet. Aan de zuidkant hebben we de boot genomen naar het “vaste land”.

Het valt ons wel op dat de westkust zo toeristisch is, er werd ons verteld dat als je nog boven Inverness zou komen, het erg rustig zou worden, dat gevoel hebben we niet echt gehad, ja wel rustiger maar veel toeristen. Volgens mij wordt hier ook alleen maar geld verdient met toerisme.

Wij zijn vanuit het zuid oosten naar het noord westen gereden, als ik het over zou doen zou ik het precies andersom doen.

Omdat we zo langzaam gaan, zien we natuurlijk veel, duurt het een aantal dagen voor je vanuit het onbegroeide, nou ja, wat gras en een paar struiken dan, weer in een begroeid gebied komt.

Het is echt fantastisch dat ruige, paradijselijk mooi maar, verwent als we zijn, worden we een beetje paradijs moe.


We verlangen weer  naar de weggetjes die om elke bocht weer heel anders zijn. Vamdaar dat ik zeg, doe het andersom, als je het dan zat bent kun je rechtsaf slaan, het begroeide gebied in.

Gelukkig zijn we ondertussen weer in een gebied met meer diversiteit aangekomen, morgen gaan we Glen Coe rijden, de weg door de vallei die ons al door zoveel mensen is aangeraden, helaas is dit een drukke weg en is het niet echt prettig om langzaam te rijden tussen een sliert auto’s die het niet zo kunnen waarderen dat je langzaam gaat.

Wat mij opvalt aan de natuur is de vele varens en het vingerhoedskruid.

In het noorden kwamen we ook heel veel brem en duindoorn tegen. En heide, heel veel heide.

Qua vogels zien we erg veel scholeksters en ook een aantal raven hebben we gespot. O, gisteren ochtend stonden we op het strand, waar we geslapen hadden, en zagen dat een kraai probeerde een mossel open te krijgen, dat deed hij door met de mossel omhoog te vliegen en dan te laten vallen op de rotsen.

Hij ging steeds hoger totdat hij het voor elkaar had en de mossel eruit kon halen.


Mosselen, eindelijk hadden we een plek gevonden waar mosselen uit zee geplukt konden worden. Ja, lekker, mosselen zo uit zee, even koken en klaar is Klara.

Helaas bleken er dingetjes in te zitten, in de eerste, de tweede, de derde enz. Toen bedacht ik me, ah, dat zullen wel de kleine baby  mosseltjes zijn, vandaar dat het mosselseizoen op een gegeven moment begint, ze zijn niet te eten als je steeds iets uit moet spugen.

Twee dagen gelden stonden we bij een tankstationnetje in Laide om onze tank te vullen. Het was naast tankstation, “supermarkt” en postkantoor. Geweldig, de man met een grote bril en een baard zat achter een loketje met glas maar de achterdeur stond open.

Zijn vrouw en dochter werkte ook in deze multinational, toen ze doorkregen wat voor voertuigen er buiten stonden kwam al het personeel naar buiten. Aan de weg stopte een buurt bewoner die graag een foto wilde maken van dat bijzonders, daarvoor moest hij eerst even naar huis en moesten we vijf minuten wachten.

Intussen begon de man van het tankstation te vertellen over de omgeving, eigenlijk over de rol van de baai in de tweede wereld oorlog. Ik vind het erg leuk om dat soort dingen te horen, dat maakt dat je op een hele andere manier kijkt naar de omgeving, we vonden het erg interessant.

De  buurtbewoner kwam terug en vroeg of hij even op mijn bak mocht gaan zitten, wat ik goed vond. Wout vroeg aan mij of ik wel gezien had wat een omvang de man had, dat had ik mij nog niet gerealiseerd, gelukkig is mijn zadel nog steeds heel. Beide mannen moesten op de foto.
 

We zien vaak op de weg een bord staan: “Good Food”, het heeft me steeds bezig gehouden wat ze hier “Good food” noemen, tot nu toe heb ik vooral gezien dat mensen erg vet eten afhalen.

Gisteren zaten we,even uit de regen, in een “restaurant” en die hadden een certificaat voor “Good food”, het was een gewone snackbar.

Dus dat verstaan ze hier onder “Good food”. Vandaar dat er hier zoveel dikke mensen rondlopen en dan bedoel ik mensen met meer dan drie zwembandjes.

Ik heb nog een foto voor Syille, een mooie foto van hoe we onze huiskamer maken van de bakbrommer, deze zetten we op als we regen verwachten of het al hebben.

 
Lochinver  30-06-2009 Terug naar boven

De laatste dagen gaan ons erg voor de wind, niet alleen omdat we steeds de wind in de rug hebben maar ook vanwege het uitblijven van pech. Voor Inverness hadden we nog het idee dat we misschien niet helemaal naar het noorden zouden kunnen rijden en nu moeten we niet te veel kilometers op een dag maken anders staan we een week te vroeg op de boot te wachten.

 

Ja het gaat heerlijk, gisteren hebben we het meest noord-westelijke punt bereikt, Durness.

We treffen het wel met het weer, het wordt steeds warmer, vandaag is de eerste dag dat we in onze t-shirts rondrijden. Wie had er nu gezegd dat het altijd regent in Schotland, het is hier gewoon altijd erg mooi weer!
 

Of word dat gezegd zodat niet alle toeristen, die nu naar Frankrijk trekken, dit prachtige land komen verzieken? Maar goed, ik had drie regenpakken mee en de korte broek in de kast laten liggen.

Twee dagen geleden reden we vanaf iets ten noorden van Inverness, langs Loch Shin, naar de westkust, het was een prachtige dag en een van de prachtigste ritten die we hebben gereden. (Ja, en  dan moet je kiezen uit alleen maar prachtige ritten.)

Na Inverness word het rustiger, de wegen worden smaller en dat was zeker het geval met de weg die wij hadden uitgekozen. Om de paar honderd meter was er een passeerplek, zodat tegemoet komend- en inhalend verkeer erlangs kan.


Het landschap veranderd heel erg naarmate je meer bij de westkust komt, het wordt rotsachtiger, ruiger en minder begroeid alhoewel het nog steeds overal groen van het gras is. Schapen, schapen en nog eens schapen, die kom je nog tegen en dan heel af en toe een huis.
 
Aan een van de meren die we onderweg tegen kwamen zijn we even gestopt om lekker uit te kijken en wat te drinken, midgets hadden we al gehad maar nu kwamen er hordes horzels aan, van even rustig stoppen kwam niet veel terecht en al snel zaten we weer op de bak.

Het was ons plan om lekker aan zo’n meer onze tent op te zetten maar iedere keer dat we even stopten kwamen de horzels weer aanzetten. Deze dag ging ook zo voorspoedig dat we aan het eind van de dag vlak bij zee waren. Daar doken we een klein weggetje in naar Tarbet, vlak bij vogeleiland Handa, dat dorpje zou aan zee moeten liggen. Een bordje 15% kon mij niet deren, ik was zo benieuwd naar het uitzicht op de atlantische oceaan, ik dacht, morgen zien we wel weer hoe we hier weg komen. Ik ben blij dat ik gewoon doorgereden ben, ik ben op de mooiste plek geweest die ik ooit gezien heb!
 

Het was een rotsachtige baai met gras erop en een beetje hoger gelegen een plat stukje grasland waar we heerlijk onze tenten hebben neergezet en zelfs Wout stil werd. Aan het eind van de avond kregen we er zelfs nog een prachtige zonsondergang bij!
 

De laatste dagen valt me op dat het later donker wordt, deze zonsondergang was rond een uur of half elf, terwijl het, op de langste dag, in Edinburgh om half elf donker was. We zitten natuurlijk wel wat westelijker en wat noordelijker maar waarom maakt dat zo’n verschil? Vannacht, toen ik moest pissen, zag ik nog steeds licht achter de bergen vandaan komen, het leek wel of ik ergens in scandinavie zat.

 

Vanaf Tarbet kan je een pontje nemen naar Handa eiland, dat kan alleen als je lopend bent. ‘s Ochtends zagen we hoe de pontbaas in een roeibootje de pont vanaf zee ging halen en de eerste passagiers naar de overkant bracht.
 

Bij de bakbrommers maakten we even een praatje met de man en toen het ging regenen hebben we even in zijn kantoor geschuild. Hij bood ons aan om ons een sleepje te geven als het ons niet zou lukken deze 15% helling te nemen.

Na onze spullen gepakt te hebben stonden we nog een uur te praten met een inwoner van Tarbet, een erg prettig gesprek, het ging tenminste niet alleen over bakbrommers. Daarna probeerden we de 15%, misschien met een beetje duwen maar nee hoor, het lukte echt niet, dus ging ik terug om van het aanbod gebruik te maken. De pont baas heeft ons beide omhoog gesleept een een goede reis verder toegewenst.

 

Gisteren hebben we een retourtje Durness gedaan en uiteindelijk de tent opgezet, zo’n 5 kilometer zuidelijker dan de dag ervoor.

 

 




 

 
 
Inverness, 27-06-2009 Terug naar boven 

Na weer een hoop gesleutel hebben we gisteren de eerste sleutelvrije dag gehad en 180 kilometer gereden. De dag dat we Edinburgh wilden verlaten heeft Wout eerst nog even een aantal uur aan de ontsteking zitten sleutelen, dit alles aan de straatkant van deze zeer mooie stad.

Op het moment dat we de ontsteking weer bijna voor elkaar hadden stopte Jimmy, een motorrijder, en vroeg of we hulp nodig hadden, gereedschap of iets anders. Uiteraard wilde hij van alles weten en foto's maken en uiteindelijk gaf hij ons zijn telefoonnummer, als we ergens in Schotland niet meer weg kunnen komen door problemen met de bakbrommers, moeten we hem bellen en zal hij ons komen halen met z'n bus.

Tegen zes uur konden we de stad verlaten en reden we richting Perth.

De volgende dag wilden we dan eens een lekker eind gaan rijden omdat we er nu allebei in geloofden dat het een keer heel zou blijven. Dat was bij Wout ook zeker het geval maar in de middag trapte ik bij een niet al te heftige afdaling door m'n rem heen. Ik had echt mazzel dat ik rustig uit kon rijden met het beetje remmen dat ie nog deed.

Ik kwam tot stilstand vlak voor een weggetje naar een camping en die hebben we toen maar genomen. Ik had het idee dat de hoofdremcilinder niet meer goed werkte en deze was niet demontabel dus was het enige wat we konden doen een nieuwe halen.

Met de bus gingen we de volgende dag naar Perth want inde buurt kon men ons niet helpen en een sloperij was er ook niet. De enige sloperij in Perth had niet van die oude auto's staan, ik moeste een cilinder van een VW Polo van voor 1986 hebben. Na een beetje aandringen en een foto laten zien van wat voor vervoermiddel het was gingen ddie lui met ons meedenken.

Ze wisten nog wel iemand die in oude Volkswagens deed, die belden ze voor ons en ja hoor, hij bleek een hoofdremcilinder te hebben liggen. De eigenaar vroeg aan een taxichauffeur, die daar rondliep, of hij ons daar niet even heen kon brengen en zo werden wij keurig, zoals het hoort, bij de VW man gebracht.

Deze man kwam aan met de juiste cilinder die hij nog even met perslucht voor ons schoon blies en voor £10,00 waren wij de nieuwe en gelukkige eigenaren van de cilinder.

Ik voelde me zo gelukkig, binnen een halve dag had ik de goede cilinder te pakken terwijl we ervan uit waren gegaaan dat het wel een dag of 5 zou duren. We hadden niet verwacht dat je hier een tweedehands cilinder zou vinden en dat een nieuwe niet zo op de plank zou liggen bij de automaterialen handel.

Terug op de camping was het geluk snel voorbij, de remcilinder zat vastgeroest. Met heel wat kracht kwam de cilinder los, maar ik had er niet zoveel vertrouwen in. Wout wilde gewoon doorgaan en we hebben het ding gemonteerd. Na alles ontlucht te hebben werkte het een beetje maar zeker niet zo dat ik ermee zou kunnen rijden. We hebben heel wat uren zitten sleutelen en klooien en kwamen er maar niet uit.

Op de camping woont een garagehouder uit het dorp en die kwam weer eens even informeren hoe het ermee stond, we vertelden hem het probleem en hij kwam met de oplossing, het was zo simpel dat ik het niet wilde geloven. Op de remcilinder zitten vier aansluitingen, ik gebruik er twee, maar ze moeten alle vier ontlucht worden!

Die avond zijn we nog gebleven omdat het wel laat geworden was maar gisteren hebben we dan een hele dag zonder sleutelen kunnen rijden, fantastisch!

Ach, het is hier zo mooi, ik heb het al eerder gezegd, elke bocht die je om gaat geeft je een nieuw landschap, wat een genot om doorheen te rijden.

Het is onbeschrijvelijk, iedereen heeft altijd verteld dat Schotland zo mooi is, nooit heb ik gehoord waarom. Sorry, ik kan het jullie ook niet vertellen, je moet het beleven, het landschap, de omgeving, de mensen, de geur en het gevoel, het is bijzonder!

Wat ik echt opvallend vind, dat merkte ik 6 jaar geleden, toen ik naar Ierland reed, ook al, is dat de mensen zo erg into motoren zijn. Overal waar je komt moeten mensen eromheen lopen en natuurlijk allerlei vragen stellen, Wout vind het heerlijk om iedere keer weer uit te leggen dat we ze niet zelf hebben gebouwd en dat ze echt maar 50cc hebben.

Na Edinburgh hebben we goed op de kaart moeten kijken om een route te vinden die we zouden kunnen rijden, we hoorden verhalen over percentages van meer dan 20%, zelfs duwend kunnen we dat niet voor elkaar krijgen en om een aantal keer op een dag een sleepje te regelen trok ons niet zo.

Het is gelukt, de enige helling die ons zorgen baarde, op de kaart werd gezegd meer dan 14%, was maar 12% en dat ging ons beide prima af.

 

 

Edinburgh 23 juni Terug naar boven 
Gisteren heb ik hier in het internet café zitten tikken om een mooi verhaal te maken, na een uur of 4 was ik klaar en m’n USB stick, waar ik het verhaal op gesaved had, dood. Vandaag ben ik met nieuwe zin opnieuw begonnen.
 
Ik ben helemaal niet zo van de steden, geef mij het platteland maar, Edinburgh is echt heel fantastisch mooi. Het centrum, wat heel groot is, ligt hoog en wel echt hoog.
 
Om hier te komen is een echte koppelings killer. Steeds in de eerste versnelling omhoog kruipen en dan ook nog stoplichten tussendoor, je moet wel heel veel spelen met de koppeling om daar weg te komen voordat deze weer op rood staat.
 
Maar wat ik zeg, erg mooi, bijna alleen maar mooie oude gebouwen, mooie straatjes, steegjes en trappetjes naar beneden gelegen straten. Je kunt het ook wel zien aan de hoeveelheid toeristen.
 
Nu gaan we richting Perth en vandaar de bergen in, ik heb al verhalen gehoord over klimmers van 20 to 25%, dat gaan we nooit halen, of zouden dat Engelse procenten zijn? We zullen het zien. Ik merkte net dat Wout al beter kan klimmen dan een aantal dagen geleden, hij kwam me bijna voorbij!
 
 
 
Edinburgh 22 juni 2009 Terug naar boven 
Woensdag 17 juni ontmoette ik Wout, met z'n pas opgeknapte Huisman, op de Grote Markt in Haarlem. Ik was verbaasd over het grote achtertandwiel (71 tanden) wat hij had gemonteerd, daarmee zou hij zeker elke helling kunnen nemen die we maar tegen zouden komen maar, zou hij daar ook een beetje snelheid mee kunnen krijgen?
 
Vanaf het centrum reden we naar het huis van m'n ouders in Haarlem Noord, hier dronken we met Arie, m'n zusje Margreet en mijn ouders een kopje thee en bespraken we allerhande dingen. Om vier uur was het tijd om op te stappen en IJmuiden aan te houden om vanuit de haven de boot naar New Castle te nemen.
 
Ikzelf rijd ook weer op de Huisman en ook ik had de afgelopen week werk gestoken in de driewieler. Al anderhalf jaar lag er een, zo goed als af zijnde, eikenhouten bak klaar welke na een paar mooie laklagen op de Huisman mocht plaats nemen. Ook moest de nieuwe bak worden voorzien van een tentje tegen de veel verwachtte regen op de eilanden aan de overkant.
 
De Huisman werd nog even verwent met een paar nieuwe banden op de voorwielen en aandacht aan allerlei bewegende delen.
 
Na de vorige vakantie, door de Alpen, wilde ik ook de remmen even onder handen nemen want daar had ik niet veel vertrouwen meer in en ja, in bergachtig gebied is dat niet echt een overbodige luxe. Dus kreeg hij ook nog nieuwe remleidingen en remvloeistof om erdoorheen te laten stromen.
 
De rit naar IJmuiden was geen snelle voor Wout en ik moest erg denken aan twee jaar terug, de reis naar het zuiden. (Daar kun je nog wat over lezen op deze site als je wilt)
 
Voor Wout was het eerste duw momentje de oprit van de boot, dat beloofde wat te worden.
 
Je kan me geen groter plezier doen dan een reisje per boot, niet dus, maar gelukkig vaart deze boot van 6 uur 's avonds en kom je 's morgens om 9 uur aan de overkant aan.
 
Beiden hadden we niets te eten en drinken mee voor onderweg en we zagen al snel dat deze reis al onze meegebracht Euro's zou opslokken.
In een rustige bar op de boot hebben we van een paar halve liters Grolsch zitten genieten en al onze mede passagiers zitten bekijken.
 
Tegen een uur of 11 raakten we aan de praat met twee dronken Schotse vrachtwagen chauffeurs. Het was een prettig gezelschap en hebben ons verteld dat we Schotland niet moesten verlaten voordat we Glen Goe hebben gezien, dat is een weg tussen de bergen door. Daar voel je Schotland en de strijd die daar, weet ik veel hoe lang geleden tussen de Britten en de Schotten heeft gewoed.
 
De beide heren hadden een lege vrachtauto en boden aan de bakbrommers in te laden en ons naar Schotland te vervoeren. Toch hebben we het mooie aanbod afgeslagen, ik geloof omdat we op bakbrommer vakantie waren en niet aan het liften.
 
Het was heerlijk om de volgende ochtend wakker te worden en bij het boven komen het vaste land dichterbij te zien komen. De vakantie ging beginnen.
 
Links rijden valt best mee, even goed opletten bij het verlaten van de boot maar de rotondes, die zijn tricky, als je naar links kijkt, zul je nooit verkeer aan zien komen en toch kun je dan een auto onder je wielen krijgen.
 
Wat een gedoe om zo'n stad uit te komen, je wilt niet op de snelwegen uitkomen maar daar word je wel heen gestuurd dus bij elke afslag keken we zo'n beetje naar de stand van de zon, die er deze ochtend was.
 
Ik denk dat het toch wel een uur of twee geduurd heeft voordat we, ineens, buiten New Castle waren. Dat was meteen een mooie weg, erg landelijk en niet druk.
 
Aan de kant van de weg zijn we even een pauze gaan nemen, voor een broodje en koffie, toen pas viel het op wat een wind er waaide en daarmee was het ook vrij koud.
 
 
Na deze pause ging onze toer over mooie weggetjes verder om uiteindelijk, niet eens zo ver van New Castle, op een camping aan te komen.
 
Hier is Wout meteen gaan sleutelen, van beide zuigerveren miste een stuk en het bleek dat er de volgende dag ook wel een stukje meer vermogen in het blok zat.
 
De oude campingeigenaar kwam eens een kijkje nemen naar onze voertuigen en had daar een paar bewonderende woorden voor. Zelf was hij bezig met de restauratie van een jaren ‘20 BSA met zijspan, waarvan hij dacht, dat gezien zijn leeftijd, het project nooit af zou komen.
 
Vrijdag begon als een mooie, veel belovende dag. De wind was nog volop aanwezig en ik had het vermoeden dat dat bij bij dit land hoort, nu zijn we erachter dat dat niet het geval is.
 
We hadden weer een mooie route over de Hadrian’s wall, wat is dit land tot dusver mooi! Ik kan meerdere stukjes van Europa opnoemen waar het op lijkt, soms is het of je in de Alpen boven de boomgrens rijdt, dan weer rijdt je door Luemburg, over de Veluwe, door de Jura of de Belgische Ardennen.
 
Aangezien Wout een stukje langzamer rijdt, wacht ik op kruisingen zodat we elkaar niet kwijt raken. Zo ook aan het eind van een lange afdaling, na ongeveer 20 minuten had ik het gevoel dat hij er al wel had moeten wezen en besloot ik terug te rijden om te zien waar hij uithing.
 
Aan de kant van de weg zag ik hem zitten met twee motorblokken ernaast. Uit ervaring weet ik dat je altijd een motorblok eronder moet hebben hangen want anders wil het gewoon niet. Mijn conclusie was dus dat het mis zat.
 
Wout vertelde dat hij tijdens de afdaling de koppeling in kneep en dat de koppeling toch weer aangreep na een tijdje, ontkoppelen lukte niet meer. Het reserve motorblok dat hij mee had en nog nooit had getest of het werkte moeste er nu onder gebouwd worden.
 
Dit motorblok had hij ooit van Peter gekregen. We hadden geluk, na ruim een uur konden we weer verder rijden.
 
Na een minuut of tien zag ik in mijn spiegel dat Wout van de bak stapte en begon met duwen, nooit een goed teken. Nu bleek de ontsteking het begeven te hebben dus ging Wout weer vrolijk, nou ja vrolijk, scheldend op die k.. Simson aan de slag om een andere ontsteking te monteren.
 
Het geluk was niet aan zijn kant want van de reserve ontsteking waren een paar magneten losgelaten en dus ging hij naar de reserve, reserve ontsteking. Die werkte en zo konden we uiteindelijk weer een stukje verder.
 
Tijdens deze “pause” heb ik mij erg zitten verbazen over hoe Wout het toch weer voor elkaar krijgt om zo op vakantie te gaan. Twee jaar terug, met de Honda, (lees hier maar over in het verhaal van Zuid Europa) had hij het al niet voor elkaar en dat zou nu anders gaan worden, een 2takt voor meer vermogen en beter voorbereid.
 
 

 

 

Nu had hij dan wel de bakbrommer mooi in de lak staan maar technisch had hij het alleen nog maar even horen lopen voordat de proefrit naar Haarlem begon. Als reserve onderdelen, spul waarvan hij niet eens wist of het het deed!
 
Nou ja, een goede test voor mijn geduld.
 
Ik liet Wout niet meer uit mijn spiegel gaan want het vertrouwen in Wout en de Simson techniek was vandaag een beetje weg. Voor het eind van dit weggetje stopte hij alweer en nu was de gaskabel gebroken.
 
De camping waar we nu heen gingen was nog 5 kilometer rijden en dat hebben we in een keer gehaald! Over de laatse 15 kilometer hebben we uiteindelijk 4 uur gedaan.
 
Laat ik even eerlijk zijn en niet alleen Wout af lopen zeiken, dat is zo makkelijk en natuurlijk ook lekker maar toen ik van huis vertrok had ik een ratel in de versnellingsbak en ja, echt vertrouwen deed ik het niet, ik had geen idee wat het was maar het kon niet goed zijn. Misschien had ik de hele vakantie ermee kunnen rijden maar toch besloot ik om een blok wissel te doen.
 
Nu ben ik wel iemand die zelf wil bepalen waar ik sleutel en het niet aan de Huisman overlaat. Dus op de camping heb ik het kampioensblok, dat ik als reserve ik de bak had gelegd, eronder geschroefd.Nu loopt hij weer als een zonnetje.
 
Samen hebben we de Simson open getrokken om te zien wat er aan de hand was met de koppeling. Wat bleek, wij hadden niet gedacht dat het kon maar navraag hier bleek dat het regelmatig voorkomt in de speedway, tussen de twee drukstiften die de koppeling bedienen zit een kogeltje, deze was gesmolten en had de drukstiften aan elkaar gelast!
 
Aan het eind van deze zaterdag zijn we weer op de bak gestapt. Dit was een dag van vrij veel regen met af en toe een zonnetje ertussendoor.
 
Op een heerlijk mooi landweggetje zagen we een roofvogel aan een ander beest zitten trekken, de vogel vloog weg toen wij dichterbij kwamen en het beest bleek een fazant te zijn. Ik stapte even af om de toestand van de fazant te kontroleren, deze bleek nog warm te zijn dus heb ik hem onder mijn hoede genomen.
 


 

Ik had het idee dat de roofvogel alleen maar de ingewanden had meegenomen, wat goed uit kwam want die hoeven wij toch niet. Later bleek dat de ook deze rover van een fazanten borst hield.
 
De volgende dag hebben we een rustig weggetje opgezocht om de fazant te villen, dit wilden we niet doen voor de ogen van de mensen op de drukke camping waar die avond de nacht doorbrachten.
 
‘s Avonds, het was toen zondag en we hadden een camping in Edinburgh gevonden hebben we de fazant klaar gemaakt en gegeten, het bleek een soep fazant te zijn, jammer
 
Heeft iemand een idee of je aan een fazant kan zien of die oud is? En als ik dan toch in m’n vragenuurtje zit, ik kwam ook een mooie das tegen, heeft iemand een idee of deze dieren eetbaar zijn? Ja, ik weet dat ze beschermd zijn maar dode toch niet?.

 

 

   
Vlak voor Edinburgh, reden we door Portobello, een voorstadje aan de kust. Ik zag dat daar een ijzerwarenzaak open was en stopte om er even een bezoek aan te brengen.
 
Buiten adem kwam er een vrouw naar ons toe gerend, het bleek Jennefer te zijn, die vroeger ook bakbrommer reed en die ik nog wel ken, ik had haar al in geen jaren gezien en zij bleek hier al een jaar of twee te wonen. Ik ken heel wat Engelsen, Schotten en Ieren maar ik had nooit gedacht dat ik een bekende uit Nederland zou tegen komen.
 

 

© copyright 2005 - 2020 bakbrommers.nl | Disclaimer | Contact | Sitemap | design wizzo